Ongeveer 1750 v. Chr. heeft iemand verslag gedaan van de trektocht van een groep mensen die in de bergen woonden en op zoek waren naar vlak, vruchtbaar land.
Dit verslag is bewaard gebleven op een schijf van klei en aan het begin van de 20ste eeuw gevonden in Kreta bij opgravingen aan het paleis van Phaistos.
Het schrift bestaat uit figuren die spiraalsgewijze in reliëf zijn aangebracht.
Bijna een eeuw lang heeft men verwoede pogingen gedaan om het te ontcijferen, tot op heden zonder resultaat.
Misschien is onze eigen zoektocht als mens als een schijf van Phaistos.
Niet rechtlijnig, niet altijd duidelijk omlijnd of omschreven, onvoorspelbare elementen dagen op. Onze levensweg en onze missie als mens blijven altijd een stukje mysterie in zich dragen.
Misschien zit hier ook een sleutel voor het succes van cursussen rond intuïtieve ontwikkeling of innerlijk leiderschap: rationeel valt in het leven alles snel te verklaren, maar wie de weg van de intuïtie bewandelt komt automatisch dichter bij het mysterie van het leven zelf. En daar zijn vragen soms belangrijker dan eenduidige antwoorden…
Het leven is dan meer dan wat Sartre beschreef als ‘Métro, Dodo, Boulot’.
Wat is dan ‘het leven waarvoor we geboren zijn’?
Vele antwoorden voldoen niet meer in deze tijd, kwestie is om voldoende ruimte te scheppen voor nieuwe antwoorden.
Zoals Patrick Drouot, franse fysicus, schreef:
“Het is uiteindelijk in de subjectiviteit, het intuïtieve en het transcendente dat alle volkeren op aarde hun diepste basis gevonden hebben voor hun engagement in het leven zelf.”
Naar een definiëring van intuïtie
Etymologisch gezien, betekent intuïtie ‘het kijken naar binnen, het innerlijk schouwen’.
Intuïtie ontwikkelt zich aan de hand van geleide meditaties, die ons naar (de) binnen(kant) en (de observatie van) de uiterlijke wereld leiden, met als doel nieuwe kennisinhouden te (laten) ontwikkelen. Het is een ‘begripshandeling’, zonder dat er van een redenering sprake is.
Intuïtie die zich veeleer richt naar zichzelf ( als persoon) noemt hij ‘zesde zintuig, visualisatie’, als ze gericht is naar de andere(n), spreekt hij veeleer over ‘helderziendheid, een medium’.
Je intuitie gebruiken laat je toe informatie aan te boren, die je helpt richting te geven, je te leiden, de juiste beslissingen te nemen. Ze is toegankelijk voor een ieder en wordt niet geassocieerd met magische of spirituele krachten. Ze kan zich evengoed onbewust manifesteren en wordt dan vaak aangeduid met uitdrukkingen als: ‘ik had inspiratie, ik had een geweldig, geniaal idee,…’
De verschillende types van intuïtie
Alhoewel intuïtie op verschillende manieren uitgedrukt kan worden en zich op verschillende niveaus (van meesterschap) manifesteert, is ze voor iedereen toegankelijk. Het is nuttig een vluchtige overschouwing te maken van de verschillende types, zoals hij ze aangeeft:
-De intuïtieve droom:
Sjamanen en volkeren uit de oudheid meenden dat goden de dromen van mensen bezochten om oplossingen van alledaagse problemen aan te reiken. Ook Carl Gustav Jung was ervan overtuigd dat dromen een eigen dynamiek hadden die erin bestond de té beperkende denkbeelden van het bewustzijn te corrigeren. De goden van vroeger waren voor Jung veeleer creatieve bronnen, waarmee mensen via hun onbewuste in verbinding traden en toegang gaven tot een soort van symbolische taal. Het zich bewust zijn van dromen is in die zin belangrijk, omdat het een individu tools kan aanreiken om zijn eigen evolutie beter te begrijpen.
-De instinctieve intuïtie:
Vermits we soms op een instinctieve manier handelen, manifesteert de intuïtie zich hier in de vorm van irrationele handelingen, die je moeilijk kan verklaren. Zoals je op een bepaalde dag bijv. afwijkt van je dagelijkse traject, een andere weg neemt, zonder te weten waarom. Later hoor je dan dat daar een tragisch ongeval gebeurde…
-De inspirerende intuïtie:
Doet zich voor wanneer we ons door een verlangen, een ‘idee-flash’ laten leiden en gaat gewoonlijk gepaard met een grote vorm van plezier - een extase bijna -, omdat we contact maken met een dimensie die vaak onderdrukt geworden is. In sommige gevallen, is de intuïtie hier een tool om een diep verankerd verlangen in ons wakker te maken.
Deze vorm kan erg ingrijpend zijn, omdat het hier gaat over veranderingen die de richting van je leven echt kunnen wijzigen. Bijv. je komt toevallig iemand uit je kindertijd tegen die je terug in contact brengt met je verborgen verlangen als kind om te tekenen - je maakt als het ware terug contact met je droom -, je schrijft je in in een tekenschool en hervindt terug een gevoelen van vrede naar je omgeving toe, omdat je terug contact gemaakt heb met hetgeen je echt wilt (doen) in je leven...
-De scheppende intuïtie:
Deze intuïtie vertrekt vaak vanuit een overpeinzing van iets en brengt ons vaak naar een inspiratie die nieuwe inzichten oplevert.
Ze kan zich plots aan je voordoen en we geven ons vaak geen rekenschap van deze vorm, omdat we ons te zeer concentreren op het vatten van de verkregen informatie. Komt vaak vaak voor bij uitvinders, artiesten, onderzoekers. Zo beweerde Brahms, de muziekcomponist, dat hij muziek componeerde in een semi-trance: zijn bewustzijn werd aan banden gelegd en ideeën deden zich aan hem voor alsof ze verbonden leken met ‘God’. Ook de schrijver RL Stevenson verhaalde dat zijn geschriften tot stand kwamen dankzij een onzichtbare, ondefineerbare ‘samenwerking’.
-De sensitieve intuïtie:
Intuïtie kan zich ook ontwikkelen aan de hand van technieken of hulpmiddelen, die gebruikt worden om een antwoord aan het lichaam te ontlokken. Er bestaan verschillende technieken:
kinesiologie bijv. test de fysieke weerstand van arm of been om de zenuwimplusen die het onbewuste voortbrengt, te testen; kinesiologie berust op de hypothese dat het lichaam intelligent is en subtiel tot uitdrukking brengt wat het nodig heeft of verlangt.
De intuïtie hier berust dus op een antwoord van het onbewuste. Het is belangrijk hier om de verkregen antwoorden te evalueren, want de methode is enigszins beperkt tot negatieve of positieve antwoorden en kan dus geen nuanceringen van het onbewuste traceren.
Het is hier belangrijk aan te stippen dat het onbewuste zeer beïnvloedbaar is en de manier waarop de therapeut vragen stelt, kan de diagnose in een bepaalde richting oriënteren.
- Intuïtie, opgewekt door een waarzeggerstechniek ( tarot, numerologie, astrologie):
De nodige theoretische inzichten van deze technieken bieden de beoefenaar een kader, waarin intuïtie kan meespelen. De valkuil bestaat er in om aan deze technieken een magische kracht toe te kennen, terwijl men hierin het aandeel van de eigen intuïtie niet ziet.
-De gedissocieerde intuïtie:
Doet zich voor bij personen die ervan overtuigd zijn dat hun intuïtie een manifestatie is van een energie die buiten hen zelf ligt: zij zeggen vaak dat ze communiceren met een overledene of een spirituele entiteit, ze horen vaak een stem van buitenaf, die hen raad geeft en waaraan ze een zekere kracht toeschrijven. Telkens als de stem zich voordoet, geven ze hieraan een identiteit die van henzelf gedissocieerd is en die hen van hun eigen scheppende bron afhoudt.
Intuïtie bedrijven zonder de mechanismen ervan te begrijpen, kan gevaarlijk zijn: de entiteit die men denkt te contacteren, kan een manifestatie zijn van een verdringing of een geïdealiseerde dimensie van zichzelf, die niet in staat is te integreren. Er manifesteert zich dan een tweede personaliteit om het onbewuste potentieel te manifesteren. Belangrijke (af)dwalingen van de persoonlijkheid kunnen hieruit voortvloeien.
Bélanger stipt aan dat ook in de gedissocieerde intuïtie - op voorwaarde dat ze bewust beoefend wordt- de verbeeldingskracht gebruikt kan worden om psychische energieën te scheppen, die het bewustzijn kunnen verruimen.
-De geïntegreerde intuïtie
manifesteert zich wanneer de persoon bewust is van het creatief proces dat hij voortbrengt en waartoe hij toegang heeft. Deze intuïtie verkrijgt men door oefening en praktijkervaring, vereist een zekere nauwkeurigheid en jarenlange ervaring.